Begin bij het moment: wil je netjes ogen zonder stijf gedoe?Laat de gelegenheid bepalen hoe “gekleed” je polo moet zijn. Voor werk of een etentje wil je er vaak verzorgd uitzien, maar zonder meteen een overhemd aan te trekken. Dan werkt een polo die wat netter valt: je ziet er snel goed uit, zonder dat het formeel wordt. In het weekend of op vakantie wil je vooral comfort. Dan is een soepelere polo handiger, omdat je ’m de hele dag door makkelijk draagt: lopen, zitten, bewegen. Een polo zet je uitstraling meteen in de juiste richting. Een overhemd maakt het al snel serieus, een T-shirt houdt het zo casual mogelijk. Een polo zit daar precies tussenin: verzorgd, maar nog steeds relaxed. In een collectie van poloshirts kun je snel zien welke modellen van zichzelf al wat gekleder ogen en welke juist meer richting T-shirt-gevoel gaan. Pasvorm: hier win je of verlies je de hele lookDe pasvorm doet het meeste werk. Met de juiste fit oogt een polo direct netter, zonder dat je verder veel hoeft te stylen. Je zoekt vooral rust in de stof: geen trekken rond de knopenlijst, geen rare plooien op de borst, en schouders die kloppen. Check dit kort in de spiegel: – Schoudernaad: valt die rond je schouderpunt, dan hangt de mouw mooier en oogt het geheel strakker. – Borst en armen: kun je vrij bewegen en blijft de knopenlijst glad, dan zit je meestal goed. – Lengte: als de zoom je broekrand net overlapt, blijft de polo beter op z’n plek en ogen je verhoudingen sneller in balans. Slim fit geeft sneller een strakke, gekledere uitstraling omdat het model dichter op je lichaam valt. Regular fit geeft meer ruimte en oogt relaxter, wat vaak fijner is voor elke dag. Draag je er een colbert over, dan helpt een slankere fit of een nette regular: minder stof die opbolt onder je jasje. Draag je ’m los, dan is iets meer ruimte juist prettig, zeker als je veel beweegt of lang zit. Stof en details: kraag, boorden en het verschil tussen fris en fletsKraag en boorden bepalen of je polo er na een paar uur nog steeds verzorgd uitziet. Een kraag die goed in vorm blijft, houdt een strakke lijn langs je hals. Modellen met een stevigere kraagconstructie of een stof die goed terugveert helpen daarbij, omdat de kraag dan mooier blijft staan. Piqué herken je aan de structuur en voelt wat steviger. Dat oogt sportief-net en blijft vaak beter in vorm, al kan het op warme dagen wat stugger aanvoelen. Jersey draagt meer als een T-shirt: soepeler en zachter, handig als comfort voorop staat. Let ook op de mouwboord: die moet aansluiten zonder te knellen, zodat je mouw rustig blijft zitten. En check de knopenlijst: als die vlak blijft, oogt de voorkant strak. Zie je golven of trekken, probeer dan een maatje ruimer of kies een stevigere stof. Styling zonder gedoe: zo blijft het smart casualEen polo maakt smart casual makkelijk, omdat je basis al “netjes maar niet te formeel” is. Combineer met een nette chino of een donkere jeans zonder opvallende wassing, dan blijft het geheel rustig. Sneakers kunnen prima; een strak, simpel model oogt netter dan een grove sportschoen. Wil je het netter, kies dan een polo met lange mouw, of draag een korte mouw onder een overshirt of colbert. Let erop dat de kraag mooi onder je jasje valt en niet tegen je revers duwt. Ook hoe je ’m draagt stuurt je look: over de broek oogt sneller relaxed (als de polo mooi recht hangt), in de broek oogt netter (als de stof strak en rustig valt bij je middel). |
Poloshirt: tussen T-shirt en overhemd kiezen
Femke de Wit
Content Writer






